NGA Early Golf Webmuseum
Click for large image

Liederen.jpg

Liedboek van de KNKB, 1989

'Liederen door de jaren heen', een kolfliederenboekje in 1989 samengesteld door G. Kreuk uit Wognum.

Dit liederenboekje is uitgegeven door de Koninklijke Nederlandse Kolfbond. De liederen dateren van 1894 tot 1983. Het boekje bevat 45 liederen op 47 bladzijden en de tekeningen op de omslag zijn uit de 'Haarlemse Courant' van 1893 en zijn gemaakt door de heer P. van Looy.

Het boekje bevat de volgende soorten liederen:
- Bondslied van de kolfbond.
- Welkomstliederen.
- Feestliederen.
- Afscheidsliederen.
- Clubliederen.
Eén van de liederen is in het Fries.

In het verleden was het gebruikelijk dat voor de Nederlandse Kampioenschappen diverse liederen werden gemaakt, welke gedurende het kampioenschap werden gezongen. De kwaliteit van de liederen is zeer divers; de absolute toppers zijn 'Ware geschiedenis van Pieter' en een lied zonder titel dat begint met de zin 'Eer zal Napoleon herleven'. Het hierna opgenomen lied Den Winners Heil is niet afkomstig uit het liederenboekje.

Eigendom 'Kan Tegen Verlies'.

Bron: Mark Aberkrom (pagina 161 van 'Het kolfboek van Drechterland'), Annette Klinkert

Click for large image

033.jpg

Feestlied, 1884

Feestlied

Wijze: Gij schitterende kleuren van Nederlands vlag

Zing luid thans een lied voor het ‘Vier Malen Een’
Den naam van de Sociëteit
Zij breken zich baan door veroordelen heen
Blijv’ kweekster van hartelijkheid
Zij geev’ ons een beeld, van dat woord, zoo vol kracht
Door Eenheid tot Vrede, door Eenheid tot Macht
Der vuige verdeeldheid ten eeuwigen spijt!
Der vuige verdeeldheid ten spijt!

Weest trotsch op haar name, weest trotsch op haar vaan
Verkondigsters van onzen roem
‘De Eenen’ zij voeren het zilver der maan
Och dat men zoo vlek’loos ze ook noem!
De kleur van de Vaan is dat smetlooze blauw
’t Symbool van gehechtheid, van eeuwige trouw
Waardoor deze kring hier zal blijven bestaan!
Met eere zal blijven bestaan

Feestlied
Wijze: Gij schitterende kleuren van Nederlands vlag
Sociëteit 'De Vier Eenen', Spanbroek
Dinsdag 22 januari 1884 's avonds ten 7 ure, in het lokaal van Mejuffrouw de Wed. Smit te Spanbroek, met medewerking van Het Hoornsch Muziekkorps onder directie vam den Heer Jongbloet en de Solisten Mej. G.C. Gorter, leerlinge van het Conservatoire te Keulen (piano) en Mej. M.B. van Balen Blanken van Benningerbroek (zang).
Zie de archieven van Joop Brongers voor het volledige feestprogramma.

Click for large image

000.jpg

Elk kent tegen verlies, 1888

3e Nationale Wedstrijd 1888

Wijze: Suzanna

De Nederlandsche Kolfbond
viert weer zijn jaarlijks feest
Hij leve en met elken stond
Kweek’ hij den broeder geest
Hiep, hiep, hoera
Het gaat weer om den prijs
Op! op, gij Neerlànds kolvers dan
Gij kolvers jong en grljs.

Wij 'zitten weer aan ‘t Bonds diner
De kolvers met elkaar
en zingen allen lustig mee
Juigt kolvers al te gaar
Leve de Bond!
Leev'jaren, jaren 1ang
Opdat U ‘t verre nageslaoht
Nog wijde U den zang.

En worden wij ’t dineeren moe
Dan naar “de bovenzaal”
Van het café “het schaakbord” toe
Spreekt daar een rode taal
Maar als het lot
De club dan heeft bepaald
Waar weer de wedstrijd wezen moet
Uw plank niet opgehaald.

Wij kolven steeds maar lustig voort
Naar 't einddoel van den strijd
De vreugde werd hier nooit verstoord
A1 duurt het langen tijd
Stoor aan het glas
Want ’t hoofddoel van ons feest
Is uit te munten in het spel
Maar vriendschap toch het meest.

Het Kolven is men nog niet moe
Wilt gij dat niet verstaan?
Gaat gij dan eens naar Dordrecht toe
Daar weer herrees een baan
Hiep! hiep, hoera
Ja zoo, zoo moet het gaan
Opdat weer ons Oudhollands spel
Komt bovenaan te staan.

En zijt gij dan zoo’n grooten does
Dat giJ wilt meer bewijs
Welnu gaat dan eens mee naar Goes
Daar raakt gij van den wijs
Leve die baan
Spiksplinterieuw gemaakt
Die keurig, keurig loopen moet
A1s men ze maar goed raakt.

Wij brengen hier ons compliment
Aan Tensen en aan Kist
Die beiden reeds,het is bekend
Den prijs wonnen, beslist
Leve Zuidscharwou
Die net twee punten maar
Als speler naar den corpsprijs
Versloeg den Gouwenaar.

En wie het nu weer winnen zal?
Wel die ze weer goed raakt
Het hangt hier af van het getal
Der punten, die men maakt
Nu wie het zij,
Hollander, Zeeuw of Fries
Den Stichtschen is het ook gegund
Elk kent tegen verlies.

Komt heffen wij het glas omhoog
En drinken wij eens uit '
Want zingen maakt de keelen droog
Daarom dus tot besluit
Leve de clubs
Bestuurder, lid hoera!
En al de Kolvers van het land
Bond, zonder wederga.

Click for large image

ayolt_006-lied-1.jpg

De Nationale Kolfbond, 1891

De Nederlandsche Kolfbond, 6e Nationale Wedsrijd. 1891

Wijze: Suzanna

De Nationale Kolfbond
Viert weer zijn jaarlijks feest.
Hij leve en met elken stond
Kweek' hij den broedergeest.
Hiep, hiep, hoera.
Het gaat weer om den prijs
Op! op, gij Neerlands' Kolvers dan,
Gij Kolvers jong en grijs.

Wij zitten weer aan 't Bonds diner,
De Kolvers met elkaar
En zingen allen lustig mee.
Juicht Kolvers al te gaar,
Leve de Bond!
Leev' jaren, jaren lang;
Opdat U 't verre nageslacht,
Nog wijde U den zang.

En worden wij 't dineeren moe
Dan naar 'de bovenzaal'
Van de Societeit de Kroon
Spreekt daar een ronde taal.
Maar als het lot
De club dan heeft bepaald
Waar weer de wedstrijd wezen moet,
Uw plank niet opgehaald.

Wij Kolven steeds maar lustig voort
Naar 't einddoel van den strijd.
De vreugde werd hier nooit verstoord,
Al duurt het langen tijd.
Stoot aan het glas;
Want 't hoofddoel van ons feest,
Is uit te munten in het spel,
Maar vriendschap toch het meest.

En wie het nu weer winnen zal?
Wel die ze weer goed geraakt,
Het hangt hier af van het getal
Der punten die men maakt.
Nu wie het zij.
Hollander, Zeeuw, of Fries,
Een iedereen is het gegund
Elk kent tegen verlies.

Komt heffen wij het glas omhoog,
En drinken wij eens uit;
Want zingen maakt de keelen droog,
Dus daarom tot besluit.
Leve de clubs.
Bestuurder, lid hoera!
En al de Kolvers van het land,
Bond, zonder wederga.


Click for large image

031.jpg

Feestzangkje, 1898

Feestzangkje

Wijze: Daar gaat nu mijn Kloris vol moed met zijn vrienden

Lit nou ús de soargen in poaske forjitte
Wij meije sa fleurich hjir by enoar sitte;
Hwa wit it honear ús dit wer barre mei?
Dit is dôch gjin pretsje fen kom alledei

Lit dompers mar grine, lit dwersdriuwers tsiere
Lit oaren yn tsjustere saken omriere;
Lit ús ljeaver sjonge, hwent haters fen sang
Binn’ haters fen ’t goede, dat witte wy lang

Wij moatte alle dagen safolle biskreppe
For’n hopen bilangen ús warre en ús reppe
Nou binn’ wij ris efkes fen ’t ketting en frij
Op ’t feest fen üs Boalserter prijskolverij

En dêrom, goe frjeunen, lit fleurich ús sjonge
Helje op mar, mei oandrang, lit los mar de tonge!
Wij hoopje, dat dit yette faken hjir nei
Op ’t feest fen ús kolven us wer barre mei

Feestzangkje
Wijze: Daar gaat nu mijn Kloris vol moed met zijn vrienden
Bolsward
1898


Vertaling
Laat ons nu de zorgen een poosje vergeten
Wij mogen zo vroolijk hier bij elkaar zitten
Wie weet wanneer ons dit weer gebeuren kan
Dit is geen plezier dat elke dag terugkomt

Laat pessimisten maar huilen, laat rotzakken maar bekvechten
Laat de anderen hun eigen duistere zaken maar opknappen
Laten we liever zingen gaan, want ‘haters’ die zingen
Zijn goede haters, dat weten we al lang

Wij moeten alle dagen al zoveel werken
Voor veel belangen moeten we ons inspannen en haasten
Nu zijn wij even vrij en van alle werkzaamheden verlost
Op het feest van ons Bolswarder prijskolverij

En daarom goede vrienden, laat ons vroolijk zingen
Hopen op meer en met aandringen zeggen, laat los die tongen
Wij hopen dat dit veel vaker hier
Op het feest van ons kolven gebeuren mag

Click for large image

001.jpg

Feestlied, 1901

Feestlied

Groet van Alkmaar aan Bolsward

Wijze: Transvaalsch Volkslied

In de maand september van ieder jaar
Breekt een feesttijd voor ons aan
Waarvoor wij kolvers van Nederland
Onze zaken laten staan
Komt kolvers! laten wij nu strijden
Om de prijzen van den Bond
Te winnen, dat doet ons verblijden
En dat maakt ons ’t hart gezond
Het kolfspel ons ideaal
Dat interesseert ons allemaal.

’t Schoone Bolsward, de Friesche stad
Waar geen kolver haast mankeert
Heeft ons ontvangen met hart en hand
Zooals een kolver het begeert
De bloei van Bolsward nu gezongen!
En van haar kolvers wel het meest!
Flink los nu alle kolverstongen
En zing nu niet bedeesd
Dat Frieslandsch eenige Kolfbaan
Nog vele jaren moog bestaan.

’t Dagelijksch bestuur, dat onvermoeid
Zijn werkzaamheden verricht
Komt deze keer weer eere toe
Voor het volbrengen van zijn plicht
De ovaties verleden jaar ontvangen
Bij monde van de heer Vincent
Voor het behartigen der Bondsbelangen
’t Is ons allen goed bekend
Lang leeft ’t bestuur! Lang leeft ’t bestuur
Lang leeft het dagelijksch bestuur.

Mochten alle kolvers niet even blij
Weer huiswaarts keeren gaan
Dat dan de moed hun niet ontbreekt
Een volgend jaar weer pal te staan
Het doel is niet alleen te winnen
Maar het gezellig samenzijn
Er ontbreken nu nog kolverinnen
Dan zou het nog volmaakter zijn
’t Oud Hollandsch spel van Nederland
Blijve nog jaren lang in stand.

1901

Click for large image

002.jpg

Feestlied, 1903

Feestlied

Wijze: Van Alkmaar de Victorie

Wie heeft van den wedstrijd niet gehoord
Van den wedstrijd aan de Bergerpoort
Het is thans 25 jaar geleden
Toen was men op de eerste treden
En nu, komt kolvers, komt naar hier
Wij kampen met u met plezier
Want spel en vriendschap zij ons streven
Dat roepen wij geheel ons leven
- En wat leert ons lands historie
- Van Alkmaar de Victorie
(laatste 2 zinnen: bis)

Hebt gij den vreugdekreet gehoord!
Het galmt gewis van oord tot oord
Het is des kolvers blijde mare
Zij willen nu geen krachten sparen
Want ’t is het edele metaal
Van Koningin en haar Gemaal
Zij zullen nu geen kamp meer geven
Al speelden zij zelfs om ’t leven
- En wat leert ons lands historie
- Van Alkmaar de Victorie
(laatste 2 zinnen: bis)

En ziet gij daar die spelers staan
Het oog gericht al op de baan
Geen twist of tweedracht is hun streven
Maar ze zullen toch geen pas toegeven
Hoe prachtig is deez’ slag gedaan
Hoort men nu mompelen langs de baan
O! als wij dat nog veel beleven
Dan zullen ze ons den prijs wel geven
- En dan zingen wij vol glorie
- Van Alkmaar de Victorie
(laatste 2 zinnen: bis)

Ha! ha; de kamp is thans beslecht
Nu kwam toch alles goed terecht
Het zijn de winnaars die vol vreugden
Nu roepen, ‘k geloof ons spel toch deugde
Maar wis en zeker is ’t geval
Wie niet goed raakt den kolfbal
Die oefene zich tot hem in zijn leven
De prijs ook eens zal worden gegeven
- En dan zingt hij maar vol glorie
- Van Alkmaar de Victorie
(laatste 2 zinnen: bis)

1903

N.B.: Dit lied kan worden beluisterd bij de jubileumvideo's.

Click for large image

003.jpg

Hoera, hoera, een vroolijk lied, 1903

Hoera, hoera, een vroolijk lied

Wijze: Die wacht am Rhein

Hoera, hoera, een vroolijk lied
Op ’t feest dat Alkmaar ons thans biedt
Kom heffen wij verheugd en blij
Een lied op Alkmaars feestgetij
Ons kolvershaart is thans verblijd
Wij kampen, juichen als altijd
Op ’t feest dat ons tezaam hier brengt
Op den strijd die Alkmaar ons nu schenkt.

1903

Click for large image

004.jpg

Wij groeten u, 1903

Wij groeten u

Wijze: Io Vivat

Wij groeten u, wij groeten u
In ’t groene Alkmaar
Wij treffen hier op deze baan
De beste spelers zeker aan
Daarom hoera, daarom hoera
Lang leve de club ‘Recht door’.

1903

Click for large image

005.jpg

Wie ’t ware bloed door ’t kolfhart vloeit, 1903?

Wie ’t ware bloed door ’t kolfhart vloeit

Wijze: Wien Neerlandsch Bloed

Wie ’t ware bloed door ’t kolfhart vloeit
Van slechte slagen vrij
Wiens hart voor vele punten gloeit
Die kolven zoals wij
Hij geeft den bal een fermen slag
En make menig punt
Dan gaat hij strijken met de vlag
- En ’t is hem dan gegund (bis)

1903 ?

Click for large image

006.jpg

In Alkmaar in de ‘Nachtegaal’, 1903?

In Alkmaar in de ‘Nachtegaal’

Wijze: Das Bienenhaus

In Alkmaar in de ‘Nachtegaal’
Daar kwamen vele goede krachten
Om te dingen naar het eermetaal
Zoals wij allen wel verwachtten
Maar ’t is zooals wij allen weten
Geen bof of bloot geluk
Maar houdt den voet bij stuk
En zoo ge weet als gij ’t kunt
Slaat elken slag een 12 punt.

1903 ?

Click for large image

007.jpg

Ik weet niet wat dat mag beduiden, 1903?

Ik weet niet wat dat mag beduiden

Wijze: Ik weet niet wat dat mag beduiden

Ik weet niet wat dat mag beduiden
Zoo’n heidensch lawaai en gedruisch
Wat zijn dat voor helsche geluiden
Op de kolfbaan zijn die niet thuis
Want al dat schreeuwen en zingen
Dat brengt je zoo waar van de wijs
En wij wilden hier kalm dingen
Naar roem en ook naar den prijs.

1903 ?

Click for large image

Ware_geschiedenis_Pieter.jpg

De ware geschiedenis van Pieter uit 1906, op de wijze: Lieve schipper vaar mij over.

Ware geschiedenis van Pieter, voorgevallen op het
Kolffeest te Nieuwe Niedorp, 9, 10 en 11 september 1906

Wijze: Lieve schipper vaar mij over
(laatste twee regels van elk couplet herhalen)
Klik op de regel boven de afbeelding voor de muziek, gezongen door Anton Greefkes (http://www.liedgenootschap.net/gezongen/lieveschipper.wma)

Zeg ers moeder! ... zaide Pieter
Heel deemoedig tot ze'n vrouw
Zeg ers moeder! 'k wou van-nochend
Graag een beetje geld van jou!

Moet je geld? zoo zaide moeder
Dat's niet noodig op het land
Je heb beste koppiestikken
En de melkpot bai de hand

Pieter klauwde an zen ooren
En hij zaide erg bedeesd
Moeder! 'k wou juist niet nee 't land gaan
Maar nee 't groote kolversfeest

Kolversfeest? dat zel wat koste...
Nierup, vrouw! is hier dichtbai
En omdat ik lid ben, weetje,
Hew ik alles zoowat vrai

En den ken ik nag wat winnen
O zoo'n mooie prais voor jou
Nou, hier hê je den tien gulden
Pas er goed op! zai de vrouw

Pieter blai, de bal in't netje
Kolf op schouder mocht hij gaan
En hij zaide bai zen aigen
'k Zul wel heel wat twaalven slaan

Hij is strakkies angekomme
En moet spoedig an den slag
Morgen zal ik u vertellen
Hoe 't hem ging den eersten dag

Pieter kocht een drietal neutjes
Voor de 'Zeenen' zaide hai
En toen Piet werd opgeroepen
Was hij van de zorgen vrai

Eerst een proefslag, toen was 't mienus
Pieter sloeg een beetje vlug
En de tweede slag toen ewas ie
Potverdikke, weer te stug

In de kast lag onze Pieter
'k Zul wel snaijen uit den treur
En hij sneed, -maar niet de paal raak-
'POEDEL' schreeuwde de markeur

Pieter is deervan verschoten
Nag ien bittre, kastelein
'k Zul em nou wel beter rooien
Deus most ok zoo bliksems fijn

Maar, och heer! het tweede streepje
Sloeg hij achter niet te best
't Werd een twee, toen drie en zeven
En een negen nog op 't lest

Pieter telde toen zen punte
Ien en twintig, 't is niet veul
Maar hij zaide toch permantig
Wacht maar, hoe ik murgen speul

'k Zul dus murgen wel verhalen
Hoe 't met Pieter is gegaan
As je hum hoort wordt hij zeker
Nog de Koning van de baan

De digitale weergave van het origineel is terug te vinden in de archieven van Joop Brongers

Click for large image

19070930.jpg

Den winners heil!, gezongen op maandagavond 30 september 1907 in Huize Molenaar te Utrecht, ter gelegenheid van het behalen van het Nederlands Kampioenschap te Krommenie. Zoals uit de tekst blijkt was broeder Spuijbroek de held van de avond.

Den Winners Heil!
Wijze: De boeren hebben ’t gewonnen

I
Te Krommenie bij ’t kolfconcours
Kwam “UTRECHT” in de baan,
Zij wisten door hun spel zoo stoer
Daar allen te verslaan;
Het drietal sloeg met vaste hand
Den bal van paal tot paal,
- En weldra stond het in de krant:
- Ze hebben ’t eer-metaal.
(laatste 2 zinnen: bis)
Ja, “UTRECHT’s” Kolvers hebben ’t gewonnen!
Hiep! Hiep! Hoera! enz.

II
De personeele wissel-prijs
Werd door SPUY-BROEK behaald;
Hij toog met kolf en bal op reis,
Zijn slag heeft niet gefaald;
Pas nu goed op ’t volgend jaar,
Dat gij hem weder wint,
- Dan komen wij weer bij elkaar
- En fuiven eensgezind.
(laatste 2 zinnen: bis)
En broeder SPUY-BROEK heeft ‘m gewonnen
Hiep! Hiep! Hoera! enz.

III
In onzen huize St. ELOY
Daar vieren wij nu feest,
Wijl zij in Krommenie zoo mooi
Aan ’t kolven zijn geweest.
Zoo’n fuif versterkt den vriendschapsband,
Die ons hier steeds vereent;
- Hier kennen wij geen rang of stand,
- Maar broederschap alleen.
(laatste 2 zinnen: bis)
Het huis ELOY zal daarom leven!
Hiep! Hiep! Hoera! enz.

30 Sept. 1907.

Click for large image

008.jpg

Reeds lang hadden wij ons voorgenomen

Reeds lang hadden wij ons voorgenomen

Wijze: Naar de Maliebaan

Reeds lang hadden wij ons voorgenomen
Om naar Alkmaar te stoomen
En in de ‘Nachtegaal’ te gaan
Om te kolven op de baan
Eind’lijk was de dag gekomen
En de machine stond te stoomen
En wij stapten toen maar in
Met een echte brave zin.
De stok, de bal ter hand
En nu naar ’t kaasjesland.
Wat hadden wij een echte lol
Ze riepen allen, jullie zijn dol
Maar ach, dat hindert niet
Zoo’n feest in het verschiet
Dat zet de zorgen op zij
En allen waren wij even blij
- En wij zijn gegaan
- Al naar de kolfbaan
- En maakten menig punt
- Die ons toch was gegund
(laatste 4 regels: bis)

Voor 25 jaar geleden
Kwam de club hier reeds tot stand
En nu vieren wij dit heden
In dat mooie groene land.
De oude garde is verdwenen
Een er van hield echter stand
Daarom veel geluk en zegen
En daarbij den broederhand.
Lang leve onze held
Op ’t schoone kolversveld
Hij maakte menig mooie slag
Die altijd vele punten gaf.
En won ook menig prijs
Hij raakt niet van de wijs
En daarom allen met geweld
Lang leve onze oude held!
- En wij zijn gegaan
- Al naar de kolfbaan
- En maakten menig punt
- Die ons toch was gegund
(laatste 4 regels: bis)

Click for large image

009.jpg

Wie heeft de juichkreet niet gehoord

Wie heeft de juichkreet niet gehoord

Wijze: De boeren van Transvaal

Wie heeft de juichkreet niet gehoord
Van onze groote kolfbaan
Waar vele kolvers rap en vlug
Een tal van twaalven slaan.
In Friesland, Holland en nog meer
In Noord, in Zuid, in Oost
Ja zelfs in ’t Westen als weleer
Vindt men in dit spel zijn troost
- De besten zullen moeten winnen
- Hiep, hiep, hoera! hiep, hiep, hoera!
(laatste 2 zinnen: bis)

Click for large image

010.jpg

Feestlied, 1909

Feestlied

Wijze: Hiep, hiep, hoera

Hebt gij de vreugdekreet gehoord
Van Neerlands kolfpartij
Voor kolvers is ’t de schoonste dag
Elk doet met ernst zijn slag
En ’t is der kolvers grootste pret
Te kampen, flink… oprecht
- Elke kolver doet zijn uiterste best
- Doch winnen spant op ’t lest
(laatste 2 zinnen: bis)
Dus Neerlands zonen nu gezongen
- Hiep, hiep, hoera (bis)
Kranig hebben ze overwonnen
- Hiep, hiep, hoera (bis)

De kolvers komen telkens weer
Dat ziet men jaar op jaar!
Geen een ontbreekt haast deze keer
Nu ’t feest is in Alkmaar
De Victorie van den ouden tijd
Toen Spanje met ons streed
- Begon van hier, dat was een feest
- Men zong toen reeds om ’t meest
(laatste 2 zinnen: bis)
Kom Hollands zonen nu gezongen
- Hiep, hiep, hoera (bis)
Kranig hebben die oudjes overwonnen
- Hiep, hiep, hoera (bis)

Hebt gij dien mooie bal gezien
Hij sloeg hem raak vandaag!
De winner wordt hij wel misschien
Dat zag een ieder graag
En lag hij soms ook achter in
Hij sneed hem naar zijn zin
- En ’t was een wonder om te zien
- Hoe hij dan nog sloeg een tien
Kom Neerlands zonen nu gezongen
- Hiep, hiep, hoera (bis)
Kranig heeft hij overwonnen
- Hiep, hiep, hoera (bis)

Het Hoofdbestuur komt ere toe
Voor alles wat het doet
Het wordt het kolven nimmer moe
Dat geeft de strijders moed
En moet er soms een woord gezegd
Of een geschil beslecht
- Het past een lied aan hun gewijd
- Voor ’t kranige beleid
(laatste 2 zinnen: bis)
Dus Neerlands zonen nu gezongen
- Hiep, hiep, hoera (bis)
’t Hoofdbestuur nu toegezongen
- Hiep, hiep, hoera (bis)

Bolsward
Feestlied, opgedragen aan den Nederlandschen Kolfbond, de Kolvers en de Alkmaarsche Burgerij
1909

Click for large image

040.jpg

Wie weet er op dit wereldrond, 1909

Wie weet er op dit wereldrond

Wijze: De wereld is in rep en roer

Wie weet er op dit wereldrond
Een spel zoo prettig en gezond
- Zoo edel, als het kolven (bis)
’t Oud Hollandsch spel dat ons het bloed
Met kracht door d’ad’ren stroomen doet
- En door het harte golven (bis)

Komt heeren, komt, bekijken wij
Het schoone spel meer van nabij
- Met al zijn vreemde termen (bis)
Bij elken slag een ander woord
En zulken, die men zelden hoort
- Men telt ze maar met zwermen (bis)

Eerst wordt de STOOF geïnspecteerd
Daarna de PAAL weer afgesmeerd
- Dan hoort men UITSLAG heeren! (bis)
De ballen snorren door de baan
En VOOR- en ACHTERKOLVERS staan
- Hun gang te observeren (bis)

Het doet den kolver steeds plezier
Wanneer de ballen HALF VIER
- Of op de MATJES komen (bis)
Maar komen zij slechts HALF BAAN
Dan is de VOORMAAT slecht voldaan
- De kans wordt hem ontnomen (bis)

Een OPBAL heeft men ’t liefst van al
Een MEISJE (mis) een gek geval
- Mag men zijn MAAT niet geven (bis)
Twee palen tegelijk is kras
En DRIEMAAL STAAN dan klinkt het ras
- Wij zullen met hem LEVEN (bis)

Men hoort somtijds IK MOET ER UIT
Zoo’n SNIJBAL laat, het is verbruid
- In lang niet met zich spotten (bis)
Dat ACHTERIN is toch een kruis
Misschien breng ik ze wel DOOD THUIS
- Maar met ’n drie, vier, SCHOTTEN (bis)

De bal wordt soms ook DOORGEHAALD
ONDER DE BAAN DOOR, is bepaald
- Om zich haast dood te treuren (bis)
Het TREKKEN en het KOLF AAN STEK
Al klinkt dit laatste ook wat gek
- Ziet men toch ook gebeuren (bis)

Het zij men kolft met GOM of SAAIJ
Niet kalm, maar woest met veel lawaai
- Geen MAATSLAG! hoort men roepen (bis)
Men zoekt EEN KOLFJE NAAR ZIJN HAND
Toch zijn er met geen fraaijen stand
- Als of ze staan te p… poepen (bis)

Het PUNTENSPEL van nieuw’ren tijd
Zal ’t MAATSPEL, om gezelligheid
- Voorzeker nimmer bannen (bis)
De meesten zijn als MAAT veel mans
Toch ziet men bij een strijd als thans
- Ook zenuwen bij mannen (bis)

Gij Heeren, die aan ’t euvel lijdt
Wie weet, ook aan neerslachtigheid?
- Kom, ’t glas omhoog geheven (bis)
Verdrijft zelfs ook de moedeloosheid
De kolvers zullen leven,
- Hoera zij zullen leven (bis)

Zonder titel
Wijze: De wereld is in rep en roer
Alkmaar
1909

Click for large image

012.jpg

Welkomstlied, 1910

Welkomstlied

Wijze: Queen Victoria

Het is nu vijf en twintig jaren
Dat deze Bond werd opgericht
En kwamen er ook vaak bezwaren
Een ieder lid deed steeds zijn plicht
Men kreeg gestaag ook nieuwe leden
Twee kolfbanen zelfs er bij
En daarmee zijn wij zeer tevreden
Elk kolver is daarmee zeer blij
Neemt de kolf ter hand
Slaat daarmee galant
De bal naar ’t doel maar door de kolfbaan steeds
En als gij niet wint
Blijft toch goed gezind
Ter eere van dit vroolijk feest

Elk weet, men kan niet allen winnen
Al doet een ieder ook zijn best
Maar blijft toch goed bij uwe zinnen
Want anders is men zeker lest
En slaat uit wrok dan nimmer elven
Wanneer ’t geen twaalf wezen kan
Ik wensch, blijf immer maar u zelven
Sta pal als een standvastig man
Neemt de kolf ter hand
Slaat daarmee galant
De bal naar ’t doel maar door de kolfbaan steeds
En als gij niet wint
Blijft toch goed gezind
Ter eere van dit vroolijk feest

Koog aan de Zaan
Welkomstlied
Wijze: Queen Victoria
1910

Click for large image

014.jpg

Het is nu vijf en twintig jaar, 1910

Het is nu vijf en twintig jaar

Wijze: De wereld is in rep en roer

Het is nu vijf en twintig jaar
Dat deze bond ontstond, ’t is waar
- Gij kunt dat zelf betellen (bis)
Die van ’t begin af medeging
Met vrienden van deez kolfkring
- Kan daar van meevertellen (bis)

De Koog die is in rep en roer
Want thans geschiedt de groote toer
- Om prijs te mogen spelen (bis)
Daarom, zorgt vrienden, dat gij raakt
Opdat gij steeds veel punten maakt
- Om prijs te kunnen deelen (bis)

Ik wensch u op dit feest geluk
Geen uwer slaat een kolf aan stuk
- Dat is geen punten maken (bis)
Slaat midden door en vlug er uit
Opdat gij op geen banden stuit
- Dan kunt gij ’t doelwit raken (bis)

1910

Click for large image

013.jpg

Welkom in de baan, ws. 1910

Welkom in de baan

Wijze: Wien Neerlands Bloed

Zijt welkom, vrienden, aan de Zaan
Gij, kolvers van ons land
Zijt allen welkom in deez baan
Slaat ’n kolfje naar uw hand
Want doet gij dat niet, dan is ’t mis
En gij behaalt geen prijs
Want dit is zeker en gewis
- Gij staat hier op glad ijs (bis)

Dat gij met lust en ijver slaat
Uw bal steeds door de baan
En uitgerekend dat hij staat
En nooit te ver zal gaan
En slaat gij twaalf, elf of tien
Dat vindt men mooi gedaan
Als gij dat doet, dan zult ge zien
- Wie met de prijzen gaan (bis)

Dus vrienden, nu vol goeden moed
Neemt elk de kolf ter hand
En slaat er mee, ja raak maar goed
Tot roem van Nederland
Al komt zij scheef of achterin
Of midden in de baan
Toch nooit begeve u de zin
- Om eens een twaalf te slaan (bis)

Een oude digtmaker
ws. 1910

Click for large image

020.jpg

Welkomstlied, 1911

Welkomstlied

Wijze: Henri’s drinklied

Hart’lijk welkom, feestgenoten!
Allen welkom, op dit feest
Niemand onzer uitgesloten
Is thans opgeruimd van geest
Juichen wij
Allen blij
Want reeds 25 jaren
Kwam men reeds hier saam vergaren
Menig lid ging al dien tijd
Wekelijks naar de Sociëteit

Sedert vijf en twintig jaren
Wat verand’ring hier en daar
Langedijk was steeds welvaren
Naar den eisch des tijds, voorwaar?
Bouwt men maar
Voor elkaar
Nette huizen, groote schuren
Groote ramen, hooge muren
Dit is heusch wel een bewijs
De kool was soms heel hoog in prijs

Arie Kist was vast besloten
Met het oog op ’t Zilver feest
Te vernieuwen, te vergrooten
Deze zaal, eens oud geweest
Ieder staat
Verbaasd op straat
Ieder zal Kist dank bewijzen
Voor het schoone, dat hij liet verrijzen
Op de kromme brug, ’t is waar
Slaat men de handen in elkaar

Sprak ik van het aanzien buiten
Binnen ziet ’t er feestelijk uit
Niemand zal de vreugde stuiten
Hier zingt ieder blij en luid
De Sociëteit
Blijv’ bevrijd
Van tweedracht, twist of tegenheden
Eendracht zij de leus der leden
Dat ’t Zilver feest van dezen dag
Eens in goud verwisselen mag

Zuid-Scharwoude
Welkomstlied
Wijze: Henri’s drinklied
1911

Click for large image

011.jpg

Feestlied, 1912

Feestlied ‘Het Kolven’

Wijze: Wien Neerlands Bloed

Wie heeft er op de wereldrond
Ooit mooier spel geleerd
Als wel het edele kolven is?
Door ons zo hoog geëerd.
Het maakt ons vroolijk en gezond
Geeft kracht en levensmoed
Zoodat ’t bloed dan ook met kracht
- Door d’adren stroomen doet (bis)

Komt vrienden! komt, bekijken wij
Het kolfspel van nabij
De theorie is aardig toch
En leert, geloof het vrij.
O, ja, de theorie van ’t spel
Dat ons steeds zoo bekoort
Is leerzaam voor d’onwetende
- Dus mijne vrienden, hoort! (bis)

Wie d’eerste slag, de uitslag doet
Met vaste hand en voet
Moet weten dat hij ook de paal
In ’t oog steeds houden moet
Want als je naar het gasthuis gaat
Of slaat een zachte bal
O jé! dan is ’t zeker mis
- Verkouden ben je al. (bis)

En nu de opslag, opgepast
Dat j’in de kast niet raakt
Dan is het snijden aan de beurt
Dat ’t veeltijds slechter maakt
Een dubbel paal is beter, maar
Een luxe bal toch naar
O, tracht die te vermijden, dan
- Komt ge vast beter klaar. (bis)

Een kruuskebolle kan er door
Maar beter is je lot
Als je de paal in ’t harte raakt
En niet komt op het schot
Te zorgen voor een rechte baan
En ook geen poedel slaan
Dan weet ik zeker, dat ge zult
- Wel twaalven maken gaan. (bis)

En wie zegt ‘Ik kan het al’
Die neemt fluks stok en bal
Probeere of dit de waarheid is
En ’t hem lukken zal.
Al sla je eerst de bal eens mis
Te langzaam of te frisch
Aldoende zal men leeren, en
- Zien dat ’t geen heksen is. (bis)

Ja, ’t Kolfspel, hoewel deze sport
Door ons nog wordt geëerd
Wordt niet beoefend overal
En dit is toch verkeerd
Daarom den grooten Kolfbond, Heil!
De kolvers leven lang!
Het kolven maakt ons vroolijk steeds
- Als ware het muziek en zang (bis)

Feestlied ‘Het Kolven’
Wijze: Wien Neerlands Bloed
1912

Click for large image

024.jpg

Verzuchting van een oud-kolver, 1912

Verzuchting van een oud-kolver

Wijze: O dierbaar plekje grond

O, toen ik nog jong was
Kwam het mij nooit onpas
Om uit te gaan
Het kolven was mijn lust
En ik had nooit geen rust
Die vlam kon niet gebluscht
Dan in de baan

Mijn vrouwtje zeide dan
Och, moet jij, lieve man
Er weer van door?
Die kolfbaan is een kruis
Ik bleef maar liever thuis
Dan maak je geen abuis
Ik ben daar vóór!

Neen, zei ik, lieve vrouw
‘k Ben drommels graag bij jou
Maar o, die baan
Jij blijft niet lang alleen
Ik ga maar even heen
Want ik moet maar alleen
Een serie slaan

Ik sloeg met kracht de bal
Een poedel? Ben je mal!
Die sloeg ik nooit
Meest twaalven sloeg ik toen
Dat kon ik toen best doen
En was frisch als een hoen
En nooit verstrooid

Nu ben ik oud en stijf
En ’t eedle kolfbedrijf
Ken ik niet meer
Een twaalf? Geen sprake van
Het hoogst een zeven, man
En dikwijls komt het dan
Op ’n poedel neer

Mijn vrouw zegt menig keer
Ben jij geen kolver meer
Moet jij niet heen?
Moet jij geen twaalven slaan
En series maken gaan?
Ben ik dan nu voortaan
Niet meer alleen?

Ja, zeg ik, lieve vrouw
Ik blijf voortaan bij jou
Want ’t kolfspel is
Voor mij nu afgedaan
Ik kan geen twaalf meer slaan
Ik hoor niet in de baan
Dat is gewis

’t Is alles ongeluk
Dan sla ‘k de kolf aan ’t stuk
Het is een kruis
En nooit een mooie bal
Een zeven bijgeval
Dus vrouw! Ik weet het al
‘k Blijf liever thuis

Verzuchting van een oud-kolver
Wijze: O dierbaar plekje grond
Alkmaar
1912

Click for large image

030.jpg

A.B.C. Lied, 1912

A.B.C. Lied

A is de aankomst der kolvers alhier
B is de baan waar men kolft voor pleizier
C zijn de centen die wij nu verteeren
D is de drank die onz’ keelen moet smeeren
E is het eten dat ook wordt gebruikt
F is het fruit dat zoo heerlijk ruikt

G is het goede wat de Kolfbond ons geeft
H is de hoop dat hij lang dan ook leeft
I is de inkomst die hij mag genieten
J is het jaarfeest, dat niet zal verdrieten
K is het kolffeest, door ons hooggeëerd
L is de lol die ook ieder begeert

M is de man die veel twaal(e)ven maakt
N is de nul die geen paaltje ooit raakt
O is het oog dat zich nooit kan vergissen
P dat zijn poedels die ieder kan missen
Q is de quibus die ’t kolfspel veracht
R is de roem die ’t ons heeft gebracht

S is de stakker die niet kolven kan
T is de tijd die wij geven daar an
U is de uil die zijn kolf aan ’t stuk slaat
V is de vrome die vroeg naar zijn huis gaat
W is de winst die men veelal verteert
X is een wijf door geen onze begeerd

IJ is de ijver op ’t feest hier gevierd
Z is de zaal die zoo mooi is versierd
Een blij Hoera! voor den heer Van der Sleesen
Dat hij nog lang onze hospes mag wezen
Lang leev’ de Kolfbond roep ik tot besluit
Vat nu de glazen en drink ze ook uit

1912

Click for large image

026.jpg

Lof van het kolfspel, 1913

Lof van het kolfspel

Wijze: Wien Neerlands Bloed

Wien kolversbloed door d’ad’ren vloeit
Van andere spelen vrij
Wien ’t hart voor d’eed’le kolfspel gloeit
Heff’ aan den zang als wij
Hij stell’ met ons, vereend van zin
Met onbeklemde borst
Het ons gevallig feestlied in
- Voor aller spelen Vorst (bis)

Waar is een spel, dat meer bekoort
Dat meer genoegen biedt?
Zoek Oost en West, zoek Zuid en Noord
Zoo’n tweede vindt ge niet
’t Houdt oog en hand en lijf gezond
Verjaagt het zwaarst verdriet
Neen, op het gansche wereldrond
- Is zijn gelijke niet (bis)

Als ongewenscht, een meteoor
Eens tegen d’aardbol kwam
Dan d’aard haar evenwicht verloor
Haar loop een einde nam
De kolver greep zijn liefste pand
Wijl aardpuin hem bedolf
Zijn dierb’ren bal in d’eene hand
- In d’andere zijn kolf (bis)

Klink luid van uit ons feestgedruisch
De lof van ’t kolfspel uit
Een brede stroom van tonen bruisch
Dat niets zijn stormloop stuit
De kolverbond winn’ steeds in kracht
In ledental en kunst
En nog van ’t verre nageslacht
- Deel’ hij de onwelkb’re gunst (bis)

Lof van het kolfspel
Wijze: Wien Neerlands bloed
Oosthuizen
1913

Click for large image

Bondslied.jpg

Bondslied, 1915

B 0 N D S L I E D

van de

NEDERLANDSE KOLFBOND

Wijze: onbekend
Marschtempo

Geen lied is zoo krachtig, zoo machtig van toon
Als ‘t Nederlands kolflied, dat klinkt toch zoo schoon
Geen zang zoo gevoelig, zoo hart’lijk gemeend.
Dan 't lied van de kolvers, als broeders vereend.
Daar vindt men eendracht en vriendschap tezaam
Wij noemen eenparig vol jubél den naam
En daverend klinke dan hier op deez’ stond
Geestdriftig gezongen, het lied van den Bond.

Komt drukt nu elkander als broeders de hand,
Er is hier geen sprake van rang of van stand,
Van oud of van jong, van arm of van rijk,
atOp ‘t jaarljkse kolffeest zijn w’ allen gelijk.
Eén is ons streven. en wel bovenal
't Is steeds om te halen, het hoogste getal.
Dus rioht de bal juist, want al mikt men wat lang
0m poedel te maken is iedereen bang.

Op kolvers, vooruit nu, met moed aan de strijd
Wees kalm in uw slag en speel steeds met beleid
Houdt steeds toch uw oog op het midden der zaal
Sta recht voor den bal en sla dan op den paal
Raakt hem toch steeds in het hart als ge kunt
Want daardoor bekomt ge dan menigen punt
Maar hebt ge een snijbal, die ligt in de kast
Dan is punten halen nog zeker niet vast.

Tot twaalf is het hoogst, dat men steeds halen kan
In menigen slag toch mankeert er wat an
Te dik of te dun, of te hard of te flauw
Bedenk toch, het afslaan luistert zoo nauw
Acht of een negen, een tien of een elf
Dan is men tevreden, dat spreekt haast van zelf
Wordt niet overmoedig, raak niet van de wijs
Want anders verliest ge den kans op een prils.

Volhardt en ga voort, steeds met moed op het pad
Dat voor ons zoo menige kolver betrad
Geen wijken of wank’len, gij kolvers staat pal
Opdat Neerlands Kolfbönd lang stand houden zal
Luid klinkt het Bondslied, vol vuur en vol moed
En breng aan het gansche Bestuur uwen groet
Het blijve nog jaren gespaard voor den Bond
Dat wenschen en hopen wij hier op deez'stond.

P. Goebel
23 januari 1915

Click for large image

ayolt_007-lied.jpg

Er moet vast zijn, 1925

Op het 40-jarig bestaan van den Nederlandschen Kolfbond. September 1885 - September 1925

Wijze: Io Vivat!

Er moet vast zijn
Een groot festijn
In Alkmaars stedewal,
Want heeren, heeren zonder tal,
En elk voorzien van kolf en bal,
Ze komen thans van wijd en zijd
Naar 't Hofplein, naar Central.

Ja, blij van geest
Viert men daar feest,
Herdenkt er 't heuglijk feit,
Dat heden toch voor veertig jaar
Een stem klonk tot de vriendenschaar:
'Vereenigt U nog dezen stond
Tot Neerlands Kolfverbond!'

En deze Bond,
Zoo kerngezond,
Bestaat dus veertig jaar!
Wat schonk hij een gezelligheid!
't Werd nu één groote societeit.
Bij oefening van oog en hand
Werd sterk de vriendschapsband.

Waai' hoog de vlag
Dan dezen dag,
Den dag van 't Kolfverbond!
Wat immer wiss'len moog' of keer',
Het kolfspel blijv' in hooge eer!
Voor 't edel spel een luid hoezee!
Voor 't Kolfverbond: hoezee!

Bron: archief Joop Brongers

Click for large image

015.jpg

Onder groen en vlag bedolven

Onder groen en vlag bedolven

Wijze: Henri’s drinklied

Onder groen en vlag bedolven
Zijn wij hier in deez zaal
Hopende eens goed te kolven
Zij ’t niet voor de laatste maal
Houdt maar moed
Slaat maar goed
Dat de ballen zuiver loopen
Om als ’t kan, ik wil dit hopen
Dat gij met een goede prijs
Vroolijk aanvangt de thuisreis

Bij het rollen van de ballen
Denken wij aan ’t zuiver slaan
Anders raakt men aan de mallen
En komt met geen prijsje aan
Slaat dus goed
Als gij ’t doet
Dan hebt gij toch vele kansen
Dat uw bal niet gaat aan ’t dansen
Als gij niet raakt van de wijs
Komt gij licht thuis met een prijs

Hopen wij dus, feestgenoten
’t Zij uit Zuiden, of uit ’t Noord
Uit het Westen, of uit ’t Oosten
Dat ons niets de vreugd verstoort
Let toch wel
Op uw spel
Slaat steeds twaalven of elven
Is ’t soms tien, blijft steeds u zelven
Of een negen, houdt u goed
Als het soms met minder moet

Click for large image

016.jpg

Een maal in ’t jaar is er kolfpartij

Een maal in ’t jaar is er kolfpartij

Wijze: De Zilvervloot

Een maal in ’t jaar is er kolfpartij
Van de bond, in ons land gevestigd
En al wie dan kan, die is er ook bij
Wanneer hij maar niet belet is
Slaat raak, slaat raak
Slaat raak al met vermaak
En doet het wis en goed
Al met bedaarden spoed
- Precies zooals ’t wezen moet (bis)

Want slaat gij poedel, dan is ’t al mis
Een zes of een zeven dat kan nog
Maar doet gij ’t minder, dan is ’t gewis
Dan behaalt gij nooit een prijs toch
Mik juist, mik juist
Mik juist, dat het zoo ruischt
En hebt gij dat gedaan
Zoo recht door in de baan
- Dan komt gij op de twaalf te staan (bis)

Click for large image

017.jpg

Afscheidslied

Afscheidslied

Wijze: Queen Victoria

De kolvers gaan helaas weer henen
’t Gaat nu weer op de thuisreis aan
Wie om te kolven zijn verschenen
Zij blijven denken aan de Zaan
Wij wenschen elk geluk en vrede
Wanneer zij in hun kring weer zijn
En dat heeft zeker wel zijn reden
Want elks geluk is ook het mijn
Leeft dan vrolijk voort
Door ’t geluk bekoord
En blijft denken aan deez vriendenkring
Alles om u heen
Stemt u steeds tevreên
Blijde zij de herinnering

Nu gaan wij kolvers weer vertrekken
Misschien zien w’eens elkander weer
Zoo niet, ‘k wil de gedachte bij u wekken
Legt noode slechts uw kolf ter neer
En mocht die tijd toch eenmaal komen
Schikt u in ’t lot dan welgezind
En blijft dan in gedachte droomen
Van ’t schoone spel, dat g’hebt bemind
Leeft lang vroolijk voort
Door de kolf bekoord
En blijft denken aan deez vriendenkring
Gaan wij blijde heen
Over ’t spel tevreên
Leve lang de herinnering

Click for large image

018.jpg

Clublied

Clublied

Wijze: Madelon

Het is thans 300 jaar geleden
Dat de eerste kolver kwam op aard
Deze man bracht nieuwe ideeën
Voor het nageslacht van groote waard
Dra ging men aan de Zaan toen bouwen
’n Kolfbaan in ‘De Waakzaamheid’
Toen werden dra de Zaansche kolvers
Overal beroemd, genoemd, benijd
En daarom klinkt hier luid
We roepen ’t juichend uit
Het is geen humbug hier
En zingen het met plezier

Refrein
Kolven is de schoonste sport op aarde
Kolven schenkt een ieder waar genot
Kolven is een sport van groote waarde
Kolven raakt men op verzot
Kolven sterkt het oog en staalt de spieren
Zonder kolven was ’t hier niets gedaan
Daarom willen wij allen vroolijk kolven
Aan de Zaan, aan de Zaan, aan de Zaan

Click for large image

019.jpg

Lied

Lied

Wijze: Kent gij dat volk

Kent gij dien Bond in Nederland
Van kolvers met elkaar
Daarin zit een goed verband
Ze zijn van zessen klaar
Het zijn zulke flinke mannen
Die men niet kan verslaan
Het is dan ook de reden
Waarom wij voor U staan
Leve de Bond, leve de Bond
Leve de Nederlandsche Bond

Wij danken U uit Noordscharwou
Gij allen ver van daar
’t Is voor ons een groot plezier
Te zien zoo’n groote schaar
Zoo vroolijk de één en blij de ander
Vier dagen achtereen
Wij leven allen voor elkander
Met kolven zijn wij één
Leve de Bond, leve de Bond
Leve de Nederlandsche Bond

Kent gij dien man van onze Bond?
Die zoveel voor ons doet
Hij wordt wel oud, maar steeds gezond
Werkt hij zoals het moet
Van Balen Blanken is zijn naam
Hulde den kloeke man
Leef jaren lang nog met ons mede
Blijf lid zoolang je kan
Leve de Bond, leve de Bond
Van Balen Blanken blijft gezond

Tien jaren is het nu geleên
Dat ‘Vriendenkring’ begon
En zich ontwikkelde al meer
Tot een club van roem en eer
Met Kostelijk als Voorzitter
En Kuiper zijn rechterhand
Die twee werkten altijd samen
De club bleef in het verband
Wij danken hen! Zingt allen mee
Voor ‘Vriendenkring’ nog één hoezee!

Lied ter gelegenheid van het 10-jarig bestaan van ‘Vriendenkring’ en de Nederlandsche Kolffeesten

Click for large image

021.jpg

Eindelijk is voor ons de langverwachte dag

Eindelijk is voor ons de langverwachte dag

Wijze: De Zilvervloot

Eindelijk is voor ons de langverwachte dag
Deez’ feestdag aangebroken
Wij zingen blij en luid, te meer nog daar men zag
Onze Driekleur uitgestoken
’T is feest, ’t is feest
In Zuidscharwou is ‘t feest
‘De Roode Leeuw’ zij is
In feestdos, thans gewis
Waar ieder gast zeer welkom is

‘Op Maat’ heeft reeds bestaan thans 25 jaar
Een vierde eeuw vlood henen
Dien tijd bracht zij haar leden gezellig bij elkaar
Zoo week’lijks voor hen verschenen
‘Op Maat’, ‘Op Maat’
Dat ge sterker bloeien gaat
Steeds meerder in de baan
Om ook zuiverder te slaan
Zoo, zeker stijgt ‘Op Maat’ in naam

Click for large image

022.jpg

Men ziet thans in de ‘Roode Leeuw’

Men ziet thans in de ‘Roode Leeuw’

Wijze: Wien Neerlands Bloed

Men ziet thans in de ‘Roode Leeuw’
Op Zuidscharwouder grond
Het feit dat sociëteit ‘Op Maat’
Een vierde eeuw bestond
Uit aller medewerking bleek
De lust voor ’t heuglijk feest
Eendracht maakt macht, was hier de leus
Met opgewekten geest

Was menig lid voor ’t feest present
Onz’ dank zij thans hun loon
Aan onze Eere President
Aan Burgemeester Kroon
Zij allereerst die dank gebracht
Voor ’t slagen van dit feest
Hij spoorde aan tot nieuwe kracht
Is aller steun geweest

De president van deze bond
Bleef ook niet achteraan
Zijn keus was ook niet ongegrond
SLOT bleef er pal bij staan
Om ’t feest te vieren hier bij KIST
Dat was gestaag zijn leus
In Zuidscharwou moest ’t feest gesticht
Voorwaar! een goede keus

De secretaris, OPPERDOES
Heeft trouw zijn plicht gedaan
De penningmeester WAGENAAR
Bleek ook niet stil te staan
GREIDANUS en ook ARIE KIST
Zij werkten als een reus
Ook JONGERLING werd niet gemist
Present was PIET de GEUS

De heeren LANGEDIJK, niet waar
Dit drietal streed ook mee
Ook KLINGELER en MOLENAAR
Een ieder was te vree
Ook BLOM, niet minder KOSTELIJK
Zij waren voor ‘Op Maat’
Zij gaven van hun trouw steeds blijk
Voorwaar! een flinke daad

‘Dient vandaag ook nog vermeld
‘Op Maat’ in rond getal
Juist tien maal zeven leden telt
Die ‘k hier niet noemen zal
Me dunkt ’t viel ook niet in den geest
En ‘k meen, geloof mij vrij
‘Zou schade wezen voor dit feest
Zoo’n namennoemerij

Juist daarom stip ik van ‘Op Maat’
Zoo ’t een en ander aan
De trouwste leden hebben steeds
Dien tijd hun plicht gedaan
Van haar aanzienlijk leden-tal
Worde er niet één gemist
Dat ‘Op Maat’ lang nog bloeien zal
Tot eer van Arie Kist

Click for large image

023.jpg

Afscheidslied

Afscheidslied

Wijze: De wereld is in rep en roer

Een ieder is er mee bekend
Aan alles, alles komt een end
- Wij kwamen opgetogen (bis)
Hier in de ‘Roode Leeuw’ bijeen
En gaan nu straks weer allen heen
- Dit feest is haast vervlogen (bis)

Van heinde en ver, per fiets, per spoor
Kwam menig vriend, zong mee in ’t koor
- Met ons ‘Op Maat’ ter eere! (bis)
Met aller hulp, ’t mag naverteld
Werd niemand hier teleurgesteld
- Dat was ‘Op Maat’’s begeeren (bis)

Wij wenschen allen u voortaan
’t Zij welken weg ook gij moogt gaan
- Steeds voorspoed op uw wegen (bis)
‘Tot weerziens’ roepen wij u toe
Leef steeds gezond en blij te moe
- Dat dit u zij gegeven (bis)

Click for large image

025.jpg

Eer zal Napoleon herleven

Eer zal Napoleon herleven

Wijze: Mijn Victoria

Eer zal Napoleon herleven
En opstaan uit zijn marm’ren graf
Eer zal een koe petroleum geven
Die eertijds melk en boter gaf
Eer meldt een nucht’ren kalfsmemorie
Iets van de vroeg’re St. Janspoort
Eer dat ons feest op deze avond
Door twist en tweedracht wordt gestoord
- Gansch vol goeden moed (bis)
Zingen wij in koor, zoo gaat ie goed
- Gansch vol goeden moed (bis)
Zingen wij; zoo gaat ie goed

Eer ’n heilsoldaat ons feest bezinge
Ons kolfpartij te gronde gaat
Eer Bolsward Kolf-Vereeniginge
Op Nova Zembla kolven gaat
Eer ook De Jong’s vermiste vrouwen
Door kolvers worden opgespoord
Eer dat ons feest op deze avond
Door twist en tweedracht wordt gestoord
- Gansch vol goeden moed (bis)
Zingen wij in koor, zoo gaat ie goed
- Gansch vol goeden moed (bis)
Zingen wij; zoo gaat ie goed

Eer vindt men hier den steen der wijzen
En eten vorsten varkensdraf
Eer zal Piet Lust uit ’t graf verrijzen
En breekt men onz’ Sint Maarten af
Eer krijgt een visserschuit van Zoutkamp
Het Wenham’s gaslicht nog aan boord 1)
Eer dat ons feest op deze avond
Door twist en tweedracht wordt gestoord
- Gansch vol goeden moed (bis)
Zingen wij in koor, zoo gaat ie goed
- Gansch vol goeden moed (bis)
Zingen wij; zoo gaat ie goed

Eer spreekt een oude melkboer-ezel
Het onvervalschte Volapük 2)
Eer wordt een kolversvriend een kwezel
En slaat een gummibal in stuk
Eer kraait een torenhaan victorie
Zoodat de gansche stad het hoort
Eer dat ons feest op dezen avond
Door twist en tweedracht wordt gestoord
- Gansch vol goeden moed (bis)
Zingen wij in koor, zoo gaat ie goed
- Gansch vol goeden moed (bis)
Zingen wij; zoo gaat ie goed

1) Wenham is wellicht een verbeteraar van de lichtspreiding met behulp van prisma’s.
2) Volapük is een kunsttaal die in 1880 werd geconstrueerd door Johann Martin Schleyer, een katholieke priester in Baden, Duitsland.

Click for large image

027.jpg

Waarom toch, Oosthuizen, op heden zoo mooi?

Waarom toch, Oosthuizen, op heden zoo mooi?

Wijze: Gij schitterende kleuren van Nederlandsch vlag

Waarom toch, Oosthuizen, op heden zoo mooi?
Waarom, als ten feest, uw kledij?
Waarom u gehuld in rood-wit-blauwen tooi?
Waarom lacht uw aangezicht zoo blij?
Hoe! roept ge verwonderd, is dat nu een vraag?
Weet ge niet, wat ’t groote feit is hier vandaag?
Daarom het gezicht in de feestelijke plooi
’t Gezicht in de feestelijke plooi

Uit vele gewesten van ’t lief Vaderland
Trok menig ten wedstrijd hierheen
Wij drukken met warmte elkander de hand
Als broeders, in ’t kolfspel steeds één
Wij slaan onzen blik met genoegen in ‘r rond
En juichen, ’t Gaat goed, onze bond is gezond
De minnaar van ’t kolfspel, de echte verscheen
De minnaar van ’t kolven verscheen

Wij zweren plechtstatig bij drie keren V
Bij Vroolijkheid, Vrienschap en Vree
Wie aan dezen plechtigen eed niet doet mee
Keer gauw maar weer naar d’eigen stee
Geen woord van verbolgenheid store de pret
Een nurks, die op deez’ of die fouten hier let
Hij is onze kolfbroeder gansch niet, o nee
Hij hoort niet tot d’onzen, o nee!

Click for large image

028.jpg

Op den Kolfwedstrijd

Op den Kolfwedstrijd

Wijze: Colijn, een brave Boerenzoon

Op, Broeders, op, de wedstrijd noodt
Waaruit de bronwel is gesproten
Die onze kolfdorst laaf’nis bood
Aan jong’ en oude kolfgenooten
Wij leenen aan die roepstem ’t oor
Wij willen aan de bron ons laven
Wij volgen graag ’t gebaande spoor
- Genieten graag heur goede gaven (bis)

De ziel, gelegd in oog en hand!
Voorwaar, er valt niet mee te dollen
Beteugeld door het kloek verstand
Zal vast de bal naar ’t doelpunt rollen
Wijl hij niet stuurloos zigzag gaat
Door dwaas te klappen of te sollen
Doch zacht naar ’t wit en op de maat
- Hij mag noch sukkelen, noch hollen (bis)

Waartoe gezegd, gij weet het wel
Het mocht u in het spel steeds blijken
Het kolven is een open spel
Een ieder kan het gansch omkijken
Wie dus het reglement ontduikt
Een der artikeles zoekt te ontwijken
Een palmpje of een puntje sluikt
- Zijn min gedoe zal ieder blijken (bis)

Is ’t kolfje niet steeds naar uw hand
Gij moet u daarvan niets aantrekken
Wel man, gebruik dan uw verstand
Laat dat geen twist of wrevel wekken
Weg, elk verstoorder van de pret
Het zou hem niet tot eer verstrekken
Hij ga naar moeder thuis, te bed
- De dekens over de ooren trekken (bis)

Click for large image

029.jpg

Het kolfspel

Het kolfspel

Wijze: onbekend

Het kolven is een prachtig spel! ja ja
Elk Nederlander weet dan wel, ja ja
In d’uitslag, dus ’t begin maar goed
Dan krijgt de kolver reeds veel moed
- Ja ja, ja ja, ja ja (bis)

Maar d’opslag mag niet minder zijn, o zoo!
Diep in de kas! Dat doet zoo’n pijn! o zoo!
Breng op je bal vlak voor het stuk
Zulks scheelt je straks een heel ruk
- O zoo, o zoo, o zoo (bis)

Het trekken, daar komt het op aan, gewis
Daar moet je zuiver bij gaan staan, gewis
Klinkt een ‘Hoezee’ dan door de zaal
Zoo is bereikt het ideaal
- Gewis, gewis, gewis (bis)

Click for large image

032.jpg

Jubileumlied

Jubileumlied

Wijze: Het Turnlied

Als broeders eendrachtig en vroolijk van geest
Viert iedere kolver nu mede dit feest
Reeds dagen en weken en maanden verwacht
Getuigend van flinkheid, van eenheid, van kracht
Nu Nederlandsche Kolfbond bestaat vijftig jaar
Weet kolver en Kolfbond zich één met elkaar
De feestvreugde wordt door geen wanklank verstoord
Een kolver viert feest, juist zooals het behoort

Wij drukken elkander als broeders de hand
Weg is het verschil nu van rang en van stand
Van oud of van jong of van arm of van rijk
Op dit GOUDEN KOLFFEEST is ieder gelijk
Want één is ons streven en ons ideaal
Te raken precies in het hart van de paal
De maat juist berekend en nu niet op stuk
Een keurige twaalf maar niet per geluk

De BOND wordt bestuurd met een krachtige hand
Die kweekt eensgezindheid en sterkt het verband
Al is ook de voorzitter klein van postuur
Wij huldigen hem als ‘De groote figuur’
Want groot zijn zijn gaven van humor en geest
Steeds is hij de ziel van de KOLFBOND geweest
Nog jarenlang blijve hij frisch en gezond
Tot vreugd’ van de kolvers, tot heil van de BOND

Jubileumlied
Wijze: Het Turnlied
Grootebroek
1935

Click for large image

034.jpg

Bij den kalmen strijd

Bij den kalmen strijd

Wijze: Het Oostenrijksch Volkslied

Bij den kalmen strijd, die heden
Onze kolveraandacht boeit
Zinge ied’re strijder mede
Lof het spel waarvoor hij gloeit
Wie geen zeepsop heeft in d’ad’ren
Roeme hier naar ouden aard
- ’t Goede frissche spel der vad’ren
- ’t Is nog aller hulde waard
(laatste 2 zinnen: bis)

’t Oefent oog en hand te zamen
’t Kweekt gezelligheid en trouw
Warme vriendschap, en met name
Brengt het troost bij droeven rouw
Het verwijdert muizenissen
Drijft de zorgen weg en pijn
- In de kolfbaan kan men missen
- Alle suffers die er zijn
(laatste 2 zinnen: bis)

Zijt gij oud en grijs van haren
Krom van rug en stram en stijf
Gij vergeet de druk der jaren
Bij ‘r gezellig Kolfbedrijf!
Op dan broeders, slaat de ballen
Raakt de palen, raakt ze goed!
- Geve ’t kolfspel aan ons allen
- Kracht en vlugheid, levensmoed!
(laatste 2 zinnen: bis)

Click for large image

035.jpg

Waar de kolvers bij elkander zijn

Waar kolvers bij elkander zijn

Wijze: Het Turnlied

Waar kolvers bij elkander zijn
Hojo-hojo-hojo-hojo
Behoef je niet te vreezen
Hojo-hojo-hojo-hojo-hojo-hojo-hojo
Voor kijverij of kwezelzucht
Daarvoor is niemand ooit beducht
Omdat z’er niet mag wezen
Hojo-hojo-hojo-hojo-hojo-hojo

Waar kolvers bij elkander zijn
Hojo-hojo-hojo-hojo
Daar kan je vast vertrouwen
Hojo-hojo-hojo-hojo-hojo-hojo-hojo
Heerscht ook gezonde levenslust
Waarop je dad’lijk wordt belust
En die je niet zal rouwen
Hojo-hojo-hojo-hojo-hojo-hojo

Waar ‘t feest voor onze kolvers is
Hojo-hojo-hojo-hojo
Daar zal men ras ontwaren
Hojo-hojo-hojo-hojo-hojo-hojo-hojo
Den wensch; Van Balen blijv’ gezond
De Praeses van den Kolverbond
Nog vele lange jaren
Hojo-hojo-hojo-hojo-hojo-hojo

Click for large image

036.jpg

Waar kolvers samen zijn

Waar kolvers samen zijn

Wijze: Het Engelsche Volkslied

Waar kolvers samen zijn
Vrij van verdriet en pijn
Daar klinkt hun lied
Vroolijk en welgemoed
Zingt men met vuur en gloed
De ware kolver houdt zich goed
Zelfs bij tegenspoed

Wie zich een kolver noemt
Zich op dien naam beroemt
Blijv’ steeds sportief
Bij onzen ed’len strijd
Past afgunst, haat noch nijd
En wie den hoogsten top bereik’
Blijv’ zich zelf gelijk

Waar echte sportgeest troont
Waar hechte vriendschap woont
Daar is het goed
Reik dan de broederhand
Ken geen verschil van stand
Als kolvers zijn wij allen g’lijk
Kennen arm noch rijk

Blijv’ dus de eenheidsband
Vast als een broederhand
Onbreekbaar sterk
Waar ook de splijtzwam tiert
Die gansch ons volk ontsiert
De Nederlandsche Kolfbond
Blijve kerngezond

Click for large image

037.jpg

Wie heeft van de kolfbaan niet gehoord

Wie heeft van de kolfbaan niet gehoord

Wijze: Wie heeft van Alkmaar niet gehoord

Wie heeft van de kolfbaan niet gehoord
Verloren bij de Bergerpoort?
We hebben er lang op kunnen roemen
En daarom willen wij het noemen
Het was voor ons een groote ramp
We streden daar zoo menig kamp
Want spel en vriendschap is ons streven
Dat roepen wij geheel ons leven
En wat leert ons ’s lands historie?
‘Van Alkmaar de Victorie’

Hebt gij de vreugdekreet gehoord?
Het galmt gewis van oord tot oord
Een nieuwe kolfbaan is gekomen
Wie had zoo iets durven droomen?
Berkhouwer, wat een flinke vent
Ging met onz’ wenschen fluks content
Hij deed een nieuwe baan verrijzen
Wat wij steeds in hem luide prijzen
En wat leert ons deez’ historie?
‘Van Alkmaar de Victorie’

Komt vrienden-kolvers van den Bond
Ge voelt met ons op deze stond
De waarde van ’t geen is gegeven
De vrucht van moedig voorwaarts streven!
Komt thans voor ’t eerst ter nieuwe baan
Wat zal het nu weer lustig gaan
Moog’ ’t ledental steeds verder groeien
De Kolfbond meer dan ooit gaan bloeien!
En dan zingen wij vol glorie:
‘Van Alkmaar de Victorie’

Het is voor ons een dubbel feest
Wij zingen nu verheugd van geest
Hoe goed is ’t ons den Bond te ontvangen
Daarnaar ging uit ons sterk verlangen
Wie juicht niet vrolijk met ons mee
Voor Neerlands Kolfverbond, Hoezee!
Wij steunen wis ons heele leven
Zijn heerlijk doel en ernstig streven
En wij zingen weer vol glorie:
‘Van Alkmaar de Victorie’

Alkmaar

Click for large image

038.jpg

Vriendschap, 1894

Vriendschap

Wijze: Mijn Victoria

Wij zijn hier weer bijeengekomen
Op ’t feest van onze kolfpartij
Waaraan met vreugd wordt deelgenomen
Door hen die doen aan kolverij
Gewis een bron is ’t van genoegen
Als menschen uit geheel het land
Welmeenend zich tezamen voegen
Vereenigd door een schoonen band

Refrein
Onze kolfpartij, onze kolfpartij
Zij een vriendenband, dit wenschen wij
Onze kolfpartij, onze kolfpartij
Zij een band, dit wenschen wij

Laat ons voor allerlei belangen
De handen in elkander slaan
Bij al wat hier wordt aangevangen
Eendrachtig immer samengaan
Dan kan hier vrede en welvaart tieren
Ten zegen van het algemeen
Dan kunnen wij hier feesten vieren
Toegankelijk voor iedereen

Refrein
Zie hierboven

Wij mogen dit met vreugd ervaren
Het feest dat ons hier brengt tezaam
Bestaat reeds sedert negen jaren
En heeft een goeden klank en naam
Zoo moet het vele jaren duren
Ja, blijven wij maar eensgezind
Dan is ’t de band die ons als buren
En feestgenooten samenbindt.

Refrein
Zie hierboven

Vriendschap
Wijze: Mijn Victoria
Bolsward
1894

Click for large image

039.jpg

Laat, vrienden, ons een feestdronk wijden

Laat, vrienden, ons een feestdronk wijden

Wijze: De Winter komt zijn Afscheid brengen

Laat, vrienden, ons een feestdronk wijden
Aan onze helden van den dag
Die wij weer dapper zagen strijden
Die niemand ooit vergeten mag
O kolvers, Neerlands roem en eer
- Uw namen klinken heinde en veer (bis)

Niet binnen Neerlands enge grenzen
Blijft uwe kolversroem beperkt
Gij wordt door duizenden van menschen
Ver buiten Neerland opgemerkt
Ja, kolvers, Neerlands roem en eer
- Uw namen klinken heinde en veer (bis)

Blijft maar volharden, flinke helden!
Steeds even moedig, even koen
Gansch Neerland moet uw lof vermelden
Wij willen ’t onze daartoe doen
Van Bolsward uit weerklinke uw eer
- O flinke kolvers, heinde en veer (bis)

Click for large image

041.jpg

Toen ik jong was

Toen ik jong was

Wijze: Henri’s drinklied

Toen ik jong was, vond ik kolven
Toch zoo’n frisch en heerlijk spel
Maar bij vrouwlief, bij mijn Grietje
Was het niet zoo zeer in tel
Iedre keer
Moet je weer
Naar de kolfbaan, zei ze vaak dan
Is dat nu je liefste taak, man?
‘k Weet wel wat ik liever wou
’s Avonds thuis zijn bij mijn vrouw

Ja, zei ik dan: beste Grietje!
‘k Ben zoo drommels graag bij jou!
Maar het kolven is zoo heerlijk
Dat je ’t niet gelooven zou
Twaalf, hoezee!
‘k Juich dan mee
Poedel sla ik nooit mijn leven
En een slechte slag is zeven
Vrouw! Ik zal nog even gaan
En een mooie serie slaan!

‘k Ben nu oud, stram zijn mijn leden
‘Kolven is nog wel in tel
Maar mijn vrouw vindt dit te weinig
Spreekt van ’t eed’le mannenspel
Zeg eens Piet
Moet je niet
Weer eens twaalven slaan en elven!
Als ik u was, ’t spreekt van zelve
Dat ik niet versuffen wou
Ied’ren avond bij mijn vrouw

Ja, zoo spreekt mijn beste Grietje
Maar ik zeg dan: ’t zal niet gaan
Want het is niet meer zoo prettig
Als ik meedoe in de baan
Ongeluk
Kolf aan ’t stuk
Poedel, een, twee, hoogstens zeven
Twaalf of elf nooit van mijn leven
Ied’ren keer een nieuw abuis
Vrouw…! ‘k blijf liever bij je thuis

Click for large image

042.jpg

Lied voor Sajetters, 1960

Lied voor Sajetters

Wijze: Marina, Marina

Wanneer sajetters bij elkander komen
Uit Noord-Scharwoude, Nierup of Hoogwoud
Venhuizen, Krommenie ofwel de Wormer
Of plaatsen waar men van sajetten houdt
Dan is er steeds een sfeer van goede vrienden
Die alles overhebben voor hun sport
Die steeds proberen de bal goed te raken
En hoge cijfers plaatsen op het bord

Refrein
Sajetters, sajetters, sajetters
Die raken haast altijd de paal
En mocht dat een keertje niet lukken
Dan doen ze het toch d’and’re maal
Waar we komen spelen
Zul je je nooit vervelen
Ik wil het niet verhelen
We houden van de lol
Want na onze strijd
Zijn we nooit de kluts kwijt
We houden van een grapje
Maar houden het op ‘VOL’
Maar houden het op ‘VOL’

De dag van de sajetters die komt steeds weer
Terug in ’t begin van ’t nieuwe jaar
Dit wordt na jaren zeker een traditie
Dat brengt PIET SWIER steeds keurig voor elkaar
Hij is de stimulans voor deze dagen
En daarom zijn we dan ook steeds weer blij
Om deze dag voor S’jet te reserveren
En zijn w’er altijd als de kippen bij

Refrein
Zie de tekst hierboven

Lied voor Sajetters
Wijze: Marina, Marina
Nieuwe Niedorp
1960